|
- 22 april 2006 -
Op het strand van Cap Esterias ontmoeten we, tijdens het paasweekend, Craig en Charlotte, afkomstig uit respectievelijk Zuid-Afrika en Frankrijk. Het klikt meteen en we besluiten samen verder te reizen naar het Zuiden.
In Libreville laten Craig en Charlotte nog snel de olie verversen en de wielen uitlijnen en de volgende ochtend gaan we vroeg op pad. De Congo is onze bestemming. Maar na enkele kilometers merken we dat hun blauwe Land Rover niet meer achter ons rijdt, we wachten even om na 10 minuten te keren en te checken wat er gebeurd is.
Het blijkt dat de heren van de garage de wielbouten niet goed hebben vastgedraaid na het uitlijnen, wat resulteert in een zwabberend voertuig. Na het vastdraaien van de bouten zou het probleem verholpen moeten zijn, maar helaas blijft de auto moeilijk bestuurbaar en lijken onzichtbare krachten aan het stuur te trekken. Hopende op een goede garage rijden we op lage snelheid door naar Lambaréné, nog steeds in Gabon, waar echter alles dicht blijkt te zijn vanwege de begrafenis van een overheidsfunctionaris.
De volgende ochtend om 8:00 uur staan we bij de lokale garage op de stoep. Uitlijnen kan de technicus niet, dat moet wachten tot Pointe Noire, maar hij neemt vervolgens twee uur de tijd om de wielen te balanceren.
En zo laten we, veel later dan gepland, Lambaréné achter ons om na 5 kilometer te constateren dat ons convooi wederom alleen uit onze auto bestaat. We draaien om en vinden Craig en Charlotte met de motorkap open aan de kant van de weg... V-snaar gebroken. Maar ze hebben nog een oude V-snaar liggen, zetten die er snel op en off we go.
200 meter verderop knapt ook de 2e V-snaar. Dus springt Craig bij Niels in de auto om terug te rijden naar Lambaréne en blijven Charlotte en ik achter aan de kant van de weg. De zon staat op z'n hoogst, geen schaduw maar de jongens zijn na een half uurtje weer terug.
De nieuw aangeschafte V-snaar blijkt te krap. Dus wederom toogt Craig, deze keer in z'n eentje, naar Lambaréné om terug te komen met een 4e V-snaar. Deze keer te smal. Nog maar een keer proberen dan. Nu lijkt het probleem verholpen. Lijkt, want na nauwelijks 3 minuten te hebben gereden, ruiken we gesmolten rubber en, na een kort overleg, besluiten we terug te keren naar Lambaréné om het knelpunt vakkundig uit de wereld te helpen.
5 kilometer verderop staan we weer aan de kant van de weg. Deze keer is V-snaar van de tandwielen gelopen waardoor de motor oververhit is geraakt. Dus vleien we ons achterwerk weer op de rand van het asfalt, laten de motor afkoelen, vullen koelvloeistof bij, vervolgen heel langzaam onze weg en arriveren even later op de camping waarna Craig en Charlotte hun zoektocht naar een passende V-snaar voortzetten.
Drie V-snaren later, allemaal te breed, te smal of te lang of misschien wel alledrie tegelijk, verschijnen ze opnieuw met een zwarte, rubberen band die de oplossing zou moeten bieden. Inmiddels kijken wij – in de schaduw en enigszins geamuseerd - toe vanuit onze relaxstoelen, een colaatje onder handbereik. De motorkap staat open, de nieuwe V-snaar ligt te wachten in het gras, alleen nog even een stuk gereedschap onder de voorstoel uitplukken...
En dan zien we Craig's hoofd met een brede grijns opduiken vanachter het portier, in z'n hand een V-snaar. Een passende V-snaar! Een reserve V-snaar die ze al vanaf Frankrijk in de auto hebben liggen... 
Zo zie je maar, af en toe, ook al lijkt het hopeloos, blijk je simpelweg óp de oplossing te zitten. Morgen zetten we definitief koers richting de Congo.
 |